Begin augustus kwam ik een kop van NRC tegen:
‘Mannelijke’ mannen willen niet gezien worden met een plantaardige burger.
Ik bleef vooral hangen bij het feit dat een burger blijkbaar iets kan doen met je mannelijkheid.
Dat is nogal veel existentiële verantwoordelijkheid voor een broodje.
Ik deelde de kop op Substack met ongeveer de genuanceerde wetenschappelijke analyse: Dóe even normaal. Want er ging in één zin werkelijk van alles door elkaar. Mannelijkheid hing ineens aan vlees, een vegaburger bleek een mogelijke identiteitscrisis en klimaat en dieren mochten ondertussen blijkbaar even wachten tot we hadden vastgesteld of je nog wel voldoende man was na de lunch.
Maar vrouwen zijn te emotioneel.
Ik dacht eerst dat het vooral een uitstekend voorbeeld was van een bekend stereotype.
Toen bleef het onderwerp terugkomen: mannen en vlees, vleesvervangers, reclame, experimenten waarin mannelijkheid een tik krijgt en onderzoekers vervolgens kijken wat er op het bord gebeurt.
En toen begon de vraag beter te worden dan de grap.
Want mannen eten inderdaad meer vlees.
Dat is niet verzonnen door een veganist met een agenda. Volgens het CBS zit bij Nederlandse volwassenen vlees in 63 procent van de hoofdmaaltijden, maar mannen eten het vaker dan vrouwen. Het grootste verschil zit onder jongeren van 18 tot 25 jaar: bij mannen bevat 71 procent van de hoofdmaaltijden vlees, bij vrouwen 60 procent. Mannen eten bij de hoofdmaaltijd gemiddeld ook aanzienlijk meer vlees: 81 gram per dag tegenover 52 gram voor vrouwen.
Dat verschil bestaat dus. Alleen vertelt een verschil in gedrag nog niet waar het vandaan komt.
Een statistiek vertelt je wat mensen doen, niet wie het script schreef. Want voordat we gaan meten wie wat eet, hebben we eten allang een gender gegeven.
Steak wordt stoer. Barbecue mannelijk. Proteïne gespierd. Salade licht. Een plantaardige burger verdacht.
Er bestaat zelfs een compleet cultureel woordenboek waarin soy boy een belediging kan zijn en een perfect gegrilde ribeye echt doorgaat voor een karakterreferentie. Een mannelijkheidsmeter met chimichurri.
Pas daarna meten we wie vaker vlees eet. En dat zijn dus meer mannen, blijkt. Shocker.
Vervolgens wijzen we naar die uitkomst alsof we zojuist rechtstreeks in de menselijke natuur hebben gekeken.
Lekker makkelijk. Daar houden we van.
Maar let dus wel: we geven eerst voedsel een gender. Pas daarna meten we wie het vaker eet. Vervolgens noemen we de uitkomst natuurlijk.
Kijk! Een cirkel. En daar houd ik van…
We zijn pas bij de burger.
Straks komen NIVEA MEN, larven en een vegan strongman nog.
PARELS is gratis.
Van avondeten naar persoonlijkheid
Het idee dat vlees bij mannelijkheid hoort is in elk geval niet één los internetgrapje. Een scoping review uit 2024 bekeek 39 studies naar mannelijkheid, vlees en vegetarisch/veganistisch eten. De verbinding kwam daar behoorlijk consequent uit naar voren: vlees eten sluit in veel onderzoek aan bij normatieve ideeën over mannelijkheid, terwijl mannen die geen vlees eten juist geregeld als minder mannelijk, zwakker of afwijkend worden gezien. Tegelijk laat diezelfde literatuur zien dat sommige vegetarische en veganistische mannen hun keuze juist koppelen aan eigenschappen die óók traditioneel mannelijk worden gemaakt: discipline, autonomie, kracht, zelfbeschikking.
Dat laatste is dan ook het meest interessant: dezelfde eigenschappen (discipline, autonomie, kracht etc.) kunnen blijkbaar óók aan het tegenovergestelde eetpatroon worden gehangen.
De symbolen kunnen verschuiven. De behoefte om eten aan identiteit te koppelen blijft.
Even belangrijk: mannelijkheid is hier niet hetzelfde als mannen. En het is al helemaal geen stofje dat kennelijk in biefstuk zit.
In dit soort onderzoek gaat mannelijkheid over een cultureel pakket verwachtingen dat met mannen wordt geassocieerd: sterk, zelfstandig, beheerst, daadkrachtig, competitief, dominant. Welke eigenschappen precies op het lijstje staan verschilt per tijd en plek.
Dat is eigenlijk al veelzeggend.
Als mannelijkheid natuur was, hoefden we haar niet voortdurend uit te leggen.
Psychologen Joseph Vandello en Jennifer Bosson hebben voor een deel van dit mechanisme bovendien een term die super netjes past: precarious manhood. In hun experimenten werd mannelijkheid veel sterker dan vrouwelijkheid gezien als een sociale status die je moet verdienen, tegenover anderen moet bewijzen en ook weer kunt kwijtraken.
Een vermoeiende constructie. Je bént dus niet alleen een man.
Je moet blijkbaar ook af en toe je abonnement verlengen.
In dit verhaal kennelijk bij de slager.
Natuurlijk hebben mensen altijd samen gejaagd, geoogst, dieren gehouden, gegeten en status aan voedsel ontleend. Dat levert alleen nog geen keurige rechte lijn van mammoet naar barbecue-afdeling op. Ik heb weinig behoefte aan een evolutionair sprookje waarin een willekeurige oerman na de jacht alvast de marketingcampagne voor de moderne grill schreef. Het is natuurlijk bullshit.
Wat we wél kunnen zien: vlees is in veel westerse contexten gaan staan voor kracht, status, dominantie en mannelijkheid, en media, reclame en sociale groepen blijven die koppeling opnieuw vertellen.
En zo krijgt een stuk eten langzaam dus echt een identiteit. Mensen voelen zich aangevallen. Het wordt een deel van ze. Het is dus wat kortzichtig maar ook heel menselijk.
Biefstuk: stevig. Krachtig. Ongecompliceerd. (H)eerlijk.
Linzen: wat? Nee!
De jacht is uitbesteed. Het toneelstuk bleef.
Het moderne toneel is ook heerlijk herkenbaar.
De barbecue is niet gewoon een apparaat waarop eten heet wordt. Er kan een schort bij waarop staat wie de grill master is.
Proteïne is niet gewoon een voedingsstof. Het kan een complete esthetiek en lifestyle worden.
Vlees wordt gesneden, gebrand, omgedraaid en gefilmd met een ernst waarbij je soms verwacht dat er na afloop een lintje wordt uitgereikt. Of lachend vanachter de grill met een koud biertje bij een snikhitte van 30+ graden Celsius om de temperatuur nog wat verder omhoog te krikken.
De onderzoekers Elina Vrijsen, Alexander Dhoest, Sofie Van Bauwel en Charlotte De Backer analyseerden Food Instagram en vonden drie terugkerende scripts waarin vlees en mannelijkheid elkaar ontmoeten: gezondheid en het fitte mannenlichaam, vakmanschap en beheersing, en smaak en zintuiglijk genot. Ze introduceerden daarvoor zelfs begrippen als masculine meat capital en de culinary meat gaze: vleeskennis, bereiding en beeldtaal kunnen status en mannelijkheid helpen communiceren.
Ik ben dol op het feit dat masculine meat capital een echte academische term is. Echt mooi!
Eindelijk een antwoord op de vraag wat je opbouwt wanneer je zes uur met een smoker bezig bent.
Nog interessanter: Vrijsen keek in nieuw onderzoek uit 2026 niet alleen naar de beelden, maar ook naar hoe jonge mannen die beelden zelf lezen. In focusgroepen met 22 mannen tussen 19 en 36 bleken ze bepaald geen kritiekloze vleessponzen. Ze herkenden commerciële overdrijving, konden excessief vlees eten of verspilling afwijzen en maakten morele afwegingen rond zichtbare dierenlichamen. Tegelijk bleven de scripts rond kracht, discipline, genieten en culinair vakmanschap betekenis houden. Mannen onderhandelen dus actief met zulke normen; ze worden er niet simpelweg door geprogrammeerd.
Cultuur geeft ons materiaal waarmee we vertellen wie we zijn; en wij gebruiken, veranderen, bespotten en reproduceren dat materiaal vervolgens zelf weer.
Soms blijkbaar met een baard. Soms met gietijzer. En vaak ook met een spierbal.
Zelfs de vegaburger moet blijkbaar eerst langs de mannelijkheidscommissie
Ook traditionele reclame doet vrolijk mee.
Een Vlaams onderzoek uit 2025 analyseerde 105 voedseladvertenties en keek hoe vlees én vleesvervangers aan mannelijkheid werden gekoppeld. Soms werden beide producten vrijwel hetzelfde geadverteerd. Soms werden ‘mannelijke kenmerken’ (wat is dat überhaupt maar goed, verhaal voor een andere dag) extra dik aangezet. En in een derde variant gebeurde iets bijna komisch: plantaardige producten kregen traditionele mannelijke beeldtaal mee om ze aantrekkelijker te maken voor mannen.
Dus zelfs wanneer we het product veranderen, laten we de norm soms gewoon staan.
Geen vlees? Geen probleem.
We schilderen de tofu zwart, zetten er een vuurkorf naast en hopen dat niemand iets merkt.
En dit trucje beperkt zich natuurlijk niet tot lunch.
Loop een drogist in en daar staat gewoon NIVEA MEN. Een aparte productwereld omdat mannen kennelijk óók hydrateren, maar er eerst formeel bij bevestigd moet worden dat niemand tijdens het smeren per ongeluk vrouwelijk is geworden. Het zou je maar gebeuren, jongens!
Het grappige is niet dat mannen crème gebruiken. Graag zelfs. Het grappige is dat vocht in je huid houden blijkbaar een mannelijk paspoort nodig kan krijgen.
NIVEA heeft momenteel zeventig MEN-producten. En ja, genderproducten hebben soms ook een prijskaartje: Nieuwsuur vond bijvoorbeeld dezelfde aantallen huismerk-scheermesjes waarbij de roze versie duurder was. Pink tax; een compleet onderwerp voor een andere dag.
De norm hoeft dus niet te verdwijnen als je hem gewoon opnieuw kunt verpakken.
Maar goed, nu terug naar de mannelijke mannen met mannelijk vlees!
De onderzoekers noemen dat niet voor niets een manier waarop marketing zich kan aanpassen aan nieuwe producten terwijl bestaande ideeën over mannelijkheid grotendeels intact blijven.
Er is zelfs experimenteel onderzoek waarin mannelijkheid bewust een klein zetje krijgt.
Een studie in het Journal of Environmental Psychology vond dat een bedreiging van mannelijkheid mannen terughoudender kon maken tegenover veganistisch eten. Zelfs iets futiels als een mannelijk gecodeerd lettertype kon vervolgens de aankoopintentie voor veganistische producten verhogen.
Nog mooier: in het onderzoek dat uiteindelijk achter die NRC-kop zat, kregen mensen identieke foto’s van eten te zien. Het gerecht veranderde niet. Alleen het label.
Plant-based erop en hetzelfde eten werd ineens als minder mannelijk beoordeeld. Én negatiever.
Dat effect hing bovendien sterker samen met negatieve evaluaties bij deelnemers die hoger scoorden op hostile sexism: seksistische overtuigingen waarin vrouwen en vrouwelijkheid lager worden gewaardeerd.
Daaruit volgt niet dat iedere man met een barbecue vrouwen haat.
Maar vanuit daar komt er wel één vraag bovendrijven die we niet kunnen ontwijken:
als ‘vrouwelijk’ gewoon een even waardevolle tweede categorie is, waarom moet je er dan zo verdomd hard bij uit de buurt blijven?
En daar begint het interessanter, en smeriger, te worden. Want blijkbaar hoeft het product niet alleen lekker te zijn, het moet voor sommige mannen ook nog sociaal veilig voelen.
Veilig waarvan?
Van te vrouwelijk worden gevonden?
En een Appetite-studie uit februari 2026 ging nog lekker een stap verder. De onderzoekers testten of mannen na een ‘bedreiging van hun mannelijkheid’ eerder voor vlees zouden kiezen - zelfs voor nogal onconventionele dierlijke producten zoals orgaanvlees en larven. Het punt is niet dat iedere gekwetste man onmiddellijk een schaal ingewanden bestelt. Het punt is wél dat voedselkeuze in experimenten kennelijk gevoelig kan worden voor de behoefte een bedreigde identiteit te herstellen.
Blijkbaar is dus zelfs walging onderhandelbaar zolang vrouwelijkheid maar buiten beeld blijft.
Als lunch dan kan helpen bewijzen dat je een man bent, is lunch dus niet meer enkel lunch.
En dan wordt beleid dat ervan uitgaat dat mensen simpelweg rustig naar voedingswaarde, klimaatimpact, prijs en smaak kijken al snel een beetje naïef.
Een woke burger
Eind augustus deelde ik het onderwerp opnieuw, omdat er weer nieuw onderzoek was opgedoken.
Vrij snel verscheen er onder mijn Note een reactie waarin iemand uitlegde nooit veganist te zullen worden omdat veganisten er slecht uit zouden zien, vlees en vis het beste voor de gezondheid zouden zijn en “al die woke figuren” hem gek maakten.
Ik vroeg alleen:
Waarom?
Dat gesprek is natuurlijk geen onderzoeksdata. Eén boze reactie onder mijn Note vertegenwoordigt ongeveer niemand behalve de schrijver ervan.
Maar als miniatuur van het mechanisme was hij bijna té netjes.
Binnen een paar regels waren voeding, gezondheid, uiterlijk, mannelijkheid en politiek één pakket geworden.
Niemand had gevraagd op welke partij een kikkererwt stemt. Toch waren we er.
En ook daar is inmiddels nieuw onderzoek voor dat verder gaat dan een losse internetreactie. Een Appetite-studie die dus deze maand verscheen onderzocht weerstand tegen veganisme en vond dat het ervaren van veganisten als een culturele bedreiging (voor traditionele eetgewoonten) of als morele bedreiging samenhangt met stereotypering en de bereidheid om vleesconsumptie te veranderen.
Dat vind ik belangrijk omdat het de discussie verschuift.
Bij minder vlees eten hebben we het graag over smaak, textuur, eiwit en prijs. Allemaal reële dingen.
Maar vlees is niet zomaar een voedingsstof die op mysterieuze wijze in cellofaan is ontstaan.
Er zat een dier aan.
Hoe dat dier leefde doet ertoe. Productie heeft gevolgen voor klimaat, landgebruik en biodiversiteit. Dat hoef je niet te ontkennen omdat je biefstuk lekker vindt; twee gedachten passen prima in één hoofd.
En minder vlees eten hoeft ook niet onmiddellijk je nieuwe identiteit te worden. Morgen één maaltijd iets anders. De week daarna weer vlees.
Ik heb liever honderdduizend mensen die geregeld iets verschuiven dan honderd die alles perfect doen en de rest controleren op doctrinaire zuiverheid.
Perfectie is de vijand van goed. En een uitstekende vriend van helemaal niets veranderen.
Elkaar policen helpt vooral de status quo.
Maar volgens mij ligt er nog een ander gesprek onder:
Wat zegt deze keuze over mij?
En misschien nog ongemakkelijker:
Wat denk ik dat andere mensen denken dat deze keuze over mij zegt?
Dat is behoorlijk veel werk voor een burger.
De industrie weet het inmiddels ook
Dat dit niet alleen een academische hobby is, blijkt uit het feit dat de voedselindustrie zelf inmiddels naar dezelfde vraag kijkt.
Schouten Europe, producent van plantaardige vlees- en visalternatieven, publiceerde eind augustus consumenteninzichten over waarom sommige mannen nog twijfelen over plantaardig. Hun samenvatting is opvallend helder: identiteit beïnvloedt de perceptie van een product, mannelijk framen lost de weerstand niet automatisch op en smaak en eetbeleving moeten een grote rol spelen.
Dat gebruik ik hier nadrukkelijk niet als onafhankelijk wetenschappelijk bewijs - een producent van vleesvervangers heeft vrij evident commerciële belangen in de vraag hoe je meer vleesvervangers verkoopt.
Maar als marktsignaal is het wel interessant. De industrie heeft kennelijk inmiddels door dat je geen product verkoopt aan een maag zonder eigenaar.
Mensen eten binnen een cultuur. Met ideeën over gezondheid, klasse, klimaat, dieren en identiteit. En soms blijkbaar met een onzichtbare genderinspecteur naast het koelvak die er van alles van vindt.
Goed nieuws voor de spieren: die controleren je ideologie niet
En voordat de eiwitpolitie arriveert: planten bevatten eiwit.
Een tamelijk vervelend feit voor het verhaal waarin spieren rechtstreeks uit biefstuk zouden worden gebouwd. Kijk bijvoorbeeld naar een bizon. Het grootste landzoogdier van Noord-Amerika kan richting de negenhonderd kilo gaan en eet voornamelijk gras, zegges en andere planten. Berggorilla’s halen grote hoeveelheden eiwit uit bladeren en andere plantaardige voeding.
Het is gewoon een grote en heldere reminder dat eiwit niet door een koe wordt uitgevonden. En voor mensen hebben we gelukkig ook betere voorbeelden.
Vegan bodybuilder Puru Schout vertelde vorige maand bij Radio 1 dat hij zijn beste bodybuildingresultaten juist behaalde nadat hij volledig plantaardig ging eten; voedingswetenschapper Jaap Seidell benadrukte daarbij dat de benodigde eiwitten ook uit planten kunnen komen.
Patrik Baboumian won in 2011 de titel Germany’s Strongest Man en werd datzelfde jaar vegan. Twee jaar later liep hij tien meter met 555,2 kilo op zijn schouders; een officieel Guinness-record. Guinness vermeldt er zelf bij dat hij als vegan met die recordpoging wilde laten zien dat mannen geen vlees nodig hebben om sterk te zijn. Een halve ton. Geen steak nodig.
En dan Lewis Hamilton.
Hij eet sinds 2017 plantaardig en rijdt nog steeds op het hoogste niveau in de Formule 1. Een sport waarin coureurs bij hard remmen tot rond de 160 kilo kracht op het rempedaal zetten terwijl hun lichaam tot ongeveer 6G verwerkt. Daar moet je enorm fit en krachtig voor zijn. Hamilton vertelde dit jaar dat zijn eiwitrijke maaltijden onder meer bestaan uit tofu, quinoa, kikkererwten en edamame.
Dat is absoluut geen pleidooi om nu ineens tofu als SUPER MANNELIJK te gaan verkopen met vlammen en een monstertruck ernaast.
Dan doen we namelijk exact hetzelfde kunstje opnieuw. Het punt is veel simpeler:
spierkracht heeft geen gendercertificaat nodig.
En menselijke trainingsstudies laten inderdaad zien dat een goed samengestelde plantaardige voeding met voldoende eiwit spiergroei en krachttraining prima kan ondersteunen.
Klimaat en dieren
Het zou makkelijk zijn om hier een stuk van te maken waarin vleeseters het morele probleem zijn en de oplossing bestaat uit een boodschappenlijstje met betere keuzes.
Dat wil ik niet en dat vind ik ook niet.
Ten eerste omdat eten ingewikkeld is. Prijs, beschikbaarheid, traditie, smaak, gezondheid, tijd, kennis, gezinssamenstelling, cultuur en nog een boel andere zaken doen allemaal mee.
Ten tweede omdat individuele schaamte een buitengewoon handige manier is om systeemvragen klein te houden. Dat mechanisme kennen we inmiddels. Jij krijgt een opdracht; de omgeving waarin je kiest blijft grotendeels zoals hij was.
Maar de andere kant is óók waar: vlees is niet alleen een amusant cultureel symbool waar sociologen gezellig tegenaan kunnen tikken.
Er zat een dier aan. En productie heeft materiële gevolgen.
Als we om redenen van klimaat, landgebruik, gezondheid of dierenwelzijn maatschappelijk minder afhankelijk willen worden van dierlijke consumptie, dan is het simpelweg niet genoeg om te zeggen dat consumenten ‘rationeel’ een andere keuze moeten maken.
De Food Policy-studie uit 2026 concludeert juist dat gender en gendergerelateerde identiteit relevant kunnen zijn voor de bereidheid vleesconsumptie te verminderen; mannen in de onderzochte steekproef hadden een sterkere vleeseter-identiteit en waren minder bereid hun consumptie terug te brengen. De auteurs stellen expliciet dat beleid rekening zou moeten houden met zulke identiteitsmechanismen. Want wie identiteit negeert, ontwerpt beleid voor een mens die alleen in spreadsheets bestaat.
Dat betekent niet dat de overheid volgend jaar een folder moet drukken met:
LINZEN
NU OOK VOOR MANNEN
Al zou ik die wel bewaren.
Het betekent wel dat identiteit onderdeel is van de voedselomgeving.
En als commerciële partijen jarenlang succesvol betekenis rond eten kunnen bouwen, is het een beetje vreemd om vervolgens te doen alsof beleid alleen een voedingswaardetabel hoeft neer te leggen en de mens daar verder volledig rationeel naast gaat staan. Zo werkt het niet.
Zelfde systeem, andere temperatuur:
Kijk, daar is de cirkel weer
En zo komen we weer terug bij die NRC-kop. Mannen eten meer vlees. Dat is echt.
Maar tussen ‘mannen eten meer vlees’ en ‘vlees hoort blijkbaar bij mannen’ zit een hele wereld.
Een wereld waarin vlees eeuwenlang en vandaag opnieuw met status, kracht en mannelijkheid wordt verbonden. Waar reclame die associaties gebruikt. Waar mannen zelf die beelden aannemen, afwijzen, bijstellen en opnieuw betekenis geven. Tot in den treure toe.
Waar mannen die plantaardig eten blijkbaar soms te maken krijgen met het idee dat ze iets van mannelijkheid moeten inleveren. Bij andere mannen. Experimenteel onderzoek laat zien dat een bedreigd gevoel van mannelijkheid voedselkeuzes kan beïnvloeden.
Een plantaardige burger kan dus gewoon via verpakking en vormgeving weer ‘mannelijk’ gemaakt worden omdat we kennelijk liever de burger verbouwen dan het idee dat eten een geslacht nodig heeft. Gelukkig maar voor de mannen!
En daarna kijken we naar de cijfers. Mannen eten meer vlees. Zie je wel? Natuurlijk. De cirkel is weer rond, jippie!
En hier begint het me dus écht te irriteren. Ik ben ook maar een mens.
Want wat probeert al die mannelijkheid nou eigenlijk voortdurend te beschermen?
Steeds opnieuw hetzelfde alarm: pas op, dit ding komt gevaarlijk dicht bij iets wat wij als vrouwelijk hebben gecodeerd.
En dát is het smerigste stukje van de grap.
Want ‘vrouwelijk’ staat hier blijkbaar niet gewoon gezellig naast ‘mannelijk’ als gelijkwaardige tweede smaak.
Het kan statusverlies betekenen.
Anders hoef je er niet zo hard van weg. Toch?
Het betekent wel dat ik wil weten waarom een gerecht ineens minder aantrekkelijk wordt zodra het als minder mannelijk geldt. En waarom dat effect duidelijk veel sterker is bij mensen met meer vijandig seksistische overtuigingen.
Waarom is te vrouwelijk überhaupt een risico?
Waarom moet je aantonen dat je nog ‘man genoeg’ bent?
Wie deelt daar punten voor uit? Wie trekt ze weer in? Wat ís mannelijkheid eigenlijk? Vraag het vijf mensen en je krijgt waarschijnlijk zes definities.
En vooral: als vrouwelijkheid werkelijk gelijkwaardig is, waarom gedraagt iedereen zich hier dan alsof je status verliest zodra je er iets te dichtbij komt?
Precarious manhood wordt zo bijna komisch letterlijk: mannelijkheid als status die verdiend, zichtbaar gemaakt en opnieuw bevestigd moet worden.
Eet vlees als je dat graag wilt. Ik hou ook van dingen waarvoor ik geen evolutionaire verklaring nodig heb. Het probleem begint wanneer een voorkeur bewijs wordt van wie jij bént; en die identiteit vervolgens de voorkeur tegen verandering moet beschermen.
Dan verdedig je niet alleen je avondeten. Dan verdedig je jezelf.
En ineens is een vegaburger geen alternatief meer maar een bedreiging. Een hele persoon bedreigd door lunch.
Dus nogmaals, for the people in the back: En dan vrouwen te emotioneel noemen.
Waar de fuck is de logica?
Als je mannelijkheid niet bestand is tegen linzen, zijn linzen volgens mij niet het kwetsbaarste onderdeel van dit verhaal.
Een man die vlees eet, is een man. Een man die geen vlees eet, verrassend genoeg ook.
De jacht is grotendeels uitbesteed. Hopelijk mag het toneelstuk inmiddels ook gewoon naar huis.
Nog niet binnen?
Gratis inschrijven = nieuwe PARELS én direct de extra’s onder ieder stuk.
Bronnen & verder lezen
Nederlandse vleesconsumptie
CBS — Hoe vaak eten mensen vlees bij de hoofdmaaltijd?
39 studies over mannelijkheid, vlees en veg*nism
Velzeboer et al. (2024) — Masculinity, Meat, and Vegnism: A Scoping Review*
Precarious manhood
Vandello, Bosson et al. (2008) — Precarious manhood
De vijf studies beschrijven manhood juist als een sociale status die voortdurende bevestiging vraagt.
Food Instagram / masculine meat capital / culinary meat gaze
Vrijsen, Dhoest, Van Bauwel & De Backer (2025) — From grill to gram
Hoe jonge mannen die Instagrambeelden zelf lezen
Vrijsen (2026) — Beefed-up feeds
105 Vlaamse voedseladvertenties
Vrijsen et al. (2025) — Feeding masculine norms: Representations of (non-) meat and masculinities in food advertising
Plant-based label, mannelijkheid en hostile sexism
Salmen, Faber, Krings & Dhont — Masculinity Perceptions and Hostile Sexism Shape Evaluations of Plant-Based Meat Alternatives
Masculinity threat, vegan eten en mannelijk lettertype
Men, masculinity, and veganism: Experimental insights and branding solutions to foster sustainable food choices
De studie vond masculinity-threat-effecten én hogere aankoopintentie bij een masculien gecodeerd font.
Larven, orgaanvlees en masculinity threat
Poswistak-Jazwiecka, Gollwitzer & Byrka (2026) — Steak is not the only meat
Drie studies over rood vlees, eetbare larven en orgaanvlees.
Culturele en morele dreiging door veganisme
Bağcı et al. (2026) — Resistance to veganism: Threat perceptions and negative stereotyping may undermine intentions to reduce meat consumption among meat-eaters
Gender, vleeseteridentiteit en beleid
Understanding the influence of gender, masculinity, and femininity on attitudes and behaviours around meat consumption — Food Policy (2026)
(Mannen toonden een sterkere meat-eater identity en minder bereidheid tot vermindering; auteurs benadrukken relevantie voor beleid.)
Marktsignaal uit de plantaardige industrie
Schouten Europe — Waarom mannen soms twijfelen over plantaardig
Bizon: grootte en plantaardig dieet
U.S. National Park Service — Basic Facts: Bison
Gorilla’s en plantaardig eiwit
Rothman, Raubenheimer & Chapman — Nutritional geometry: gorillas prioritize non-protein energy while consuming surplus protein
Vegan bodybuilding — Nederlands voorbeeld
NPO Radio 1 — Vlees eten is mannelijk? Vegan bodybuilder Puru Schout bewijst het tegendeel
Patrik Baboumian — 555,2 kg
Guinness World Records — Heaviest yoke carry travelling 10 m
Lewis Hamilton — huidige voeding
EatingWell — recent interview met Hamilton over routine en eiwitrijke vegan maaltijden
Fysieke belasting Formule 1
Formula 1 — How to train like an F1 driver
Plantaardige eiwitten en krachttraining
Hevia-Larraín et al. (2021) — High-Protein Plant-Based Diet Versus a Protein-Matched Omnivorous Diet
Vegan versus omnivoor: spierproteïnesynthese en hypertrofie
Monteyne et al. (2023) — Vegan and Omnivorous High Protein Diets Support Comparable Daily Myofibrillar Protein Synthesis Rates and Skeletal Muscle Hypertrophy in Young Adults
Veehouderij, klimaat, land en biodiversiteit
FAO — Livestock and the environment
NIVEA MEN — Nederland
NIVEA Nederland — MEN-assortiment
Momenteel 70 producten. Kopen maar ;)
Pink tax — Nederlands voorbeeld
Nieuwsuur — Pink tax: waarom een scheermes voor vrouwen duurder is dan voor mannen



