SEKS deel 1 - LUST; Ben je echt geil of dóe je geil?
Je lijf ligt in bed, je hoofd kijkt mee. En dan moet je ergens ook nog uitvinden waar jíj eigenlijk van aangaat.
Wie kijkt er mee als jij seks hebt?
Ik wil het even hebben over een vrouw die seks heeft met drie mensen.
Zichzelf. Haar bedpartner. En een denkbeeldige toeschouwer.
Die laatste ligt niet letterlijk in bed, gelukkig. Maar ze kijkt zeker wel mee. En hoe.
Hoe zie ik eruit? Doe ik het goed? Is mijn buik nu raar? Klink ik wel alsof ik geniet? Duurt dit te lang? Ben ik sexy genoeg? Niet té gretig? Niet te stil? Niet te veel?
En ondertussen moet je natuurlijk vooral lekker losgaan en jezelf zijn. Lekker niet nadenken en enkel genieten. Knop omgezet, check, en go!
Ik kwam tijdens het schrijven van dit stuk een woord tegen voor dat tegelijk seks hebben en jezelf seks zien hebben, en dacht vooral: godzijdank, yes, de wetenschap heeft het probleem in ieder geval alvast een naam gegeven. Kunnen we het lekker duiden.
Spectatoring!
Je lijf ligt in bed, je hoofd zit (deels) op de tribune.
Dat beeld kreeg ik daarna niet meer uit mijn hoofd, omdat het zo absurd is: we leren meisjes en vrouwen jarenlang dat hun lichaam iets is waarnaar wordt gekeken, iets waar anderen zomaar een mening over mogen hebben. Iets wat te dik, te dun, te bloot, te oud, te glad, te harig, te ordinair, te preuts, aantrekkelijk of juist niet aantrekkelijk genoeg kan zijn. En op het moment dat dat lichaam lekker seks heeft, verwachten we blijkbaar dat die hele interne jury beleefd buiten blijft wachten. Onmogelijk. Internalisatie is real.
Die blik blijft niet braaf voor de slaapkamerdeur staan. Natuurlijk niet.
Die blik gaat ook lekker mee naar bed. Gezellig!
Je lijf in bed, je hoofd op de tribune
Masters en Johnson gebruikten spectatoring al in 1970 voor het verschijnsel waarbij iemand tijdens seks als het ware van deelnemer in toeschouwer verandert: je aandacht gaat niet alleen naar wat je voelt en ervaart, maar ook naar hoe je lichaam eruitziet en hoe je seksuele performance overkomt. Later onderzoek naar seksuele zelfgerichte aandacht bouwde daarop voort.
En dat woord vind ik zo interessant omdat het iets wat heel persoonlijk voelt ineens in een veel grotere geschiedenis zet.
Vast niet iedere vrouw doet dit. Maar wel veel. En niet iedere vrouw doet het altijd. Mannen kunnen zichzelf tijdens seks ook observeren. Sure. Maar vrouwen groeien wel op in een cultuur waarin hun uiterlijk structureel zwaar wordt meegewogen en waarin het vrouwelijke lichaam buitensporig vaak wordt aangeboden als iets om naar te kijken. Dat is precies de achtergrond waartegen Barbara Fredrickson en Tomi-Ann Roberts in 1997 hun objectification theory formuleerden: wanneer meisjes en vrouwen consequent leren zichzelf ook vanuit het perspectief van een externe waarnemer te zien, kan die blik worden geïnternaliseerd. En dat gebeurt uiteraard aan de lopende band.
Je hebt dan uiteindelijk niet eens iemand nodig die op dat moment zegt dat je buik platter moet. Je kunt en doet dat prima zelf. Ook midden in bed.
Onderzoek naar zelfobjectificatie en seksueel functioneren vond inderdaad verbanden tussen body surveillance, appearance anxiety, seksuele zelfbewustheid en slechter seksueel functioneren.
Dat klinkt theoretisch totdat je naakt ligt en ineens denkt:
Hoe zien mijn borsten er zó eigenlijk uit? Ben ik nu niet té nat?
Daar is-ie weer. De interne cameravrouw. Of cameraman. Waarschijnlijk cameraman. We blijven tenslotte bij het thema.
En voor de duidelijkheid: ik ga hier niet doen alsof het heerlijk vinden om begeerd te worden per definitie een soort patriarchale, systemische denkfout is. Begeerd worden kan ontzettend lekker zijn. Aandacht kan opwindend zijn. Weten dat iemand naar je kijkt kan uiteraard precies zijn waar jij van aangaat.
Maar daar begint voor mij wel een veel interessantere vraag.
Wil ik jóu echt - of vind ik het lekker dat jij mij wilt?
Dat kan tegelijk waar zijn, maar het hoeft zeker niet.
En hoe langer ik daarover nadenk, hoe interessanter ik dat verschil vind. Want als een flink deel van je seksuele bevestiging afkomstig is uit gewenst zijn, kun je ongelooflijk goed worden in het lezen van de ander: vindt hij mij mooi, is hij opgewonden, kijkt hij naar me, wil hij me, doe ik iets waardoor hij reageert?
Dat levert echte gevoelens op. Opwinding zelfs.
Alleen zegt zijn verlangen nog steeds niet automatisch iets over het jouwe.
Je kunt heel goed worden in begeerd worden zonder ooit echt uit te zoeken wat je zelf begeert.
En dan is ‘waar ga ik eigenlijk van aan?’ ineens een veel kwetsbaardere vraag dan hij klinkt, juist omdat begeerd worden soms diep verweven raakt met hoe je jezelf seksueel bent gaan zien. Niet: waar krijg ik bevestiging, wat maakt de ander geil, wat kan ik overtuigend performen? Maar: waar beweegt míjn lichaam naartoe als er even niemand punten uitdeelt?
Ben je geil of dóé je geil?
Daar zit ook iets ongelooflijk alledaags in.
Je kunt ontzettend goed leren aantrekkelijk te zijn. We léren hoe ‘aantrekkelijk’ eruitziet.
Je kunt leren welk ondergoed flatterend staat. Hoe je lichaam eruitziet in een bepaalde houding. Welke blik sexy is. Hoe je kreunt zonder dat het klinkt alsof je net je teen tegen het bed hebt gestoten. Welke beweging herkenbaar ‘ik heb hier enorm veel zin in’ communiceert. Hoe een vrouw die ‘echt geniet’ beweegt en klinkt.
Je kunt zelfs leren genot overtuigend uit te voeren.
Er bestaat volgens mij een complete beeldtaal voor vrouwelijke opwinding. Rug hol. Mond open. Hoofd naar achteren. Geluid erbij.
Je kunt het storyboarden.
En dan wordt het ingewikkeld, want je kunt een performance natuurlijk ook voelen. Als iemand jou aantrekkelijk vindt en jij merkt dat, kan dat je opwinden. Dat maakt die opwinding niet nep.
Maar ergens in die kluwen moet je nog wel kunnen vragen:
Vind ik dit lekker omdat ík dit lekker vind - of omdat ik merk dat ik zo heel goed begeerd word?
Dat is geen test waarop één correct antwoord bestaat.
Het is precies de reden waarom ik zo weinig kan met het idee dat vrouwen alleen maar ‘beter moeten communiceren over wat ze willen’.
Daarvoor moet er überhaupt ruimte zijn om dat te ontdekken; en liefst een bedpartner die niet rustig blijft wachten tot jij eerst je eigen gebruiksaanwijzing hebt geschreven.
We leren meisjes en vrouwen eindeloos veel over aantrekkelijkheid. Over gladde benen, geur, gewicht, kleding, lingerie, leeftijd, haar, borsten, billen, huid. VOOR DE ANDER! Vervolgens worden daar seksuele beelden bovenop gestapeld waarin vrouwelijk verlangen bijna uitsluitend zichtbaar wordt gemaakt via hoe het eruitziet voor een ander.
De blik is al lang vóór bed begonnen
We leven bovendien niet in een tijd waarin het vrouwelijke lichaam minder zichtbaar is geworden. Integendeel. We zwemmen in lichamen, filters, porno, beautybeelden, algoritmes, trends, advertenties en eindeloze instructies voor wat begeerlijk heet.
Meer seksuele zichtbaarheid is helaas niet hetzelfde als meer seksuele vrijheid. Dat is een fout die volgens mij nogal vaak wordt gemaakt. Ik zie en hoor dat in ieder geval erg veel om mij heen. In media-landschap maar ook zeker privé.
Alsof veel naakt automatisch betekent dat vrouwen tegenwoordig bevrijd zijn.
Nee.
Een lichaam kan extreem zichtbaar zijn en nog steeds nauwelijks als verlangend subject centraal staan.
Ik kwam bij mijn stuk over Frida Kahlo steeds terug bij de zin: zichtbaar zijn is niet hetzelfde als gezien worden.
Hier geldt precies hetzelfde.
Een vrouw kan sexy zijn naakt, begeerd worden, werkelijk overal in beeld zijn en heel overtuigend laten zien dat ze geniet, terwijl de centrale seksuele vraag nog steeds luidt:
wat doet haar lichaam voor de kijker?
Het is zelden: wat ervaart zij?
Seksueel zichtbaar zijn is niet hetzelfde als een verlangend subject zijn.
Ja, porno hoort in dit verhaal
Niet omdat porno één homogeen ding is en ook niet omdat ik seksueel verlangen politiek schoon wil wassen. Fantasieën hoeven geen beleidsdocument te zijn.
Maar het zou nogal gek zijn om te doen alsof mainstream pornografie geen deel uitmaakt van de beeldbank waaruit we leren hoe ‘seks’ eruitziet.
Grote inhoudsanalyses van veelbekeken online porno vinden regelmatig fysieke agressie, en vrouwen zijn daarin veel vaker het doelwit dan mannen; een analyse van meer dan vierduizend scènes op Pornhub en Xvideos vond fysieke agressie in grofweg 35–45 procent van de scènes, afhankelijk van platform en categorie, en repercussies voor die agressie waren zeldzaam. Nihil eigenlijk.
En de normalisering gaat ver. In een rapport van de Children’s Commissioner for England uit juni 2026 bleek dat 58 procent van de ondervraagde jongeren die porno hadden gezien, beelden van wurging had gezien.
Dat is niet meer een exotisch hoekje van internet.
Gewelddadige scripts zijn mainstream beschikbaar, algoritmische online omgevingen kunnen steeds extremere inhoud binnen bereik brengen en praktijken zoals choking zijn ver genoeg genormaliseerd om al heel jong (echt piepjong) onderdeel van de seksuele beeldwereld te worden. Europese en Britse beleidsrapporten waarschuwen daar inmiddels expliciet voor. Dat doen ze echt niet zomaar.
Het gaat mij hier niet om een keurige discussie over ‘goede’ en ‘slechte’ porno. Ik heb het hier over scripts. Dingen die we eindeloos zien. En wie daar dus handelt. En daarmee ook, wie er ontvangt. Wie staat hier centraal? Wie heeft pijn? Wie ‘geniet’ zichtbaar en luid en bijna altijd op dezelfde manier?
Heel vaak wordt juist ook het vrouwelijk genot zelf onderdeel van de performance: haar plezier als bewijs dat wat er met haar gebeurt blijkbaar prettig, gewenst en succesvol is.
Dat lijkt me nogal relevant als je vervolgens een generatie vrouwen vertelt dat ze tijdens echte seks gewoon wat minder in hun hoofd moeten zitten.
De kooi kan ook gewoon betere belichting krijgen.
Mijn zeer onwetenschappelijke veldonderzoek rond de veertig
Nu komt het gedeelte waardoor ik dit stuk überhaupt zo leuk vind om te schrijven.
Ik zie en merk namelijk óók iets anders.
Om me heen hoor ik vrouwen ergens in hun late dertiger en veertiger jaren ineens met een soort vrolijke nieuwsgierigheid over seks praten die me soms bijna aan een soort tweede puberteit doet denken. Heerlijk! Wat is dit voor fenomeen?
En niemand hoeft me nu een hormooncurve te sturen, ik bedoel de sfeer. Dat opnieuw ontdekken.
Dit vind ik dus wél lekker. Dat andere kennelijk totaal niet, bij nader inzien. Dat zou ik eigenlijk eens willen proberen. Waarom deed ik dit jarenlang terwijl ik daar nooit iets aan vond? Oooooh, kan dit ook? Ik ga rollenspellen spelen.
Een tweede puberteit, ik weet er even geen ander woord voor, maar dan hopelijk met een iets beter ontwikkelde bullshitdetector en zonder dat één van je ouders beneden vraagt of de deur open kan blijven.
En ik zie het niet als bewijs dat onze seksuele cultuur bevrijder is geworden. Integendeel; op allerlei manieren is die cultuur pornified, commercieel en nog zichtbaarder geworden.
Misschien zit de bevrijding juist in meer weerstand daartegen. Meer leven en ervaring achter je. Meer taal ook. Taal is macht. In deze is het de macht om achter die kutcamera vandaan te komen.
En ik zie ook hoe die behoefte om aardig, lief en vooral niet ‘te veel’ gevonden te worden bij sommigen langzaam minder belangrijk wordt.
En (zeker niet voor iedereen, maar wel voor sommige vrouwen) een groeiend besef dat er geen prijs wordt uitgereikt voor twintig jaar seks hebben die vooral niemand teleurstelt.
Maar goed er heerst een dominante vraag de laatste tijd in mijn omgeving: waarom krijgen vrouwen rond hun veertig ineens veel meer zin in seks en vooral ook experimenteren hierin?
Misschien is dat niet eens de meest interessante/leuke.
Misschien is dat wel…
Waar krijgen ze eindelijk minder zin in?
Slechte seks, bijvoorbeeld. Pleasen. Doorgaan omdat stoppen een sfeerbreuk geeft. Seks omdat het “alweer even geleden is”. Doorgaan nadat jij al klaar bent gekomen en hij nog moet? Vooral dat laatste is hardnekkig ingebakken bij velen geloof ik. Zó jammer. Voor iedereen in dit scenario trouwens.
Je aantrekkelijk voelen omdat iemand jou wil, zonder jezelf de moeite te gunnen om te vragen of jij die persoon eigenlijk wel zo graag wilt. Ook geen zin in.
Een voorspelbaar stappenplan waarvan ooit iemand heeft besloten dat dit het volledige menu ‘seks’ heet. No, no. Buiten alles wat er te ontdekken valt bestaat a-seksualiteit ook gewoon.
Of jarenlang geduld hebben met iemand die de clitoris benadert alsof het een escape room is waarvan hij principieel weigert de aanwijzingen te lezen. Done.
Misschien wordt lust niet eens altijd groter, ik denk dat onzin gewoon minder marktaandeel krijgt. En terecht.
Een klein experiment
Er is één manier waarop je snel ziet hoe cultureel onze definitie van ‘normale seks’ eigenlijk is. Draai het eens om.
Vanaf morgen spreken we af dat heteronormatieve seks klaar is zodra de vrouw klaarkomt.
Zij orgasme? Basta, mooi geweest. Lamp aan, watertje, klaar.
Hij nog niet? Jammer joh, volgende keer beter. Slaap lekker.
Het omgekeerde is zó vertrouwd dat we nauwelijks meer merken hoe vreemd het eigenlijk is. Natuurlijk hoeft goede seks niet altijd met een orgasme te eindigen. Juist daarom is het interessant welk orgasme we wél zo gemakkelijk als natuurlijk eindpunt zijn gaan behandelen. Dat snap je best maar ik heb geen zin om overal disclaimers bij te zetten.
Onderzoek naar orgasmefrequentie maakt die asymmetrie trouwens ook behoorlijk zichtbaar. In een grote proef zei 95 procent van heteroseksuele mannen meestal of altijd klaar te komen tijdens seksuele intimiteit, tegenover slechts 65 procent van heteroseksuele vrouwen. Bij lesbische vrouwen was dat al 86 procent.
Vrouwen blijken dus niet ineens over een totaal andere neurologische infrastructuur te beschikken wanneer degene naast hen een vrouw is.
Recente studies naar seksuele scripts passen daarbij: vrouwen verwachtten meer clitorale stimulatie en een grotere kans op een orgasme wanneer ze zich seks met een vrouw voorstelden dan wanneer hun partner een man was. Wat zegt dat veel hé. Mooi.
Ook in een dagelijkse dagboekstudie uit 2025 onder heteroseksueel gekoppelde volwassenen kwamen mannen in 90 procent van de gerapporteerde seksuele ontmoetingen klaar en vrouwen in 54 procent. Belangrijker nog voor dit stuk: vrouwen streefden het orgasme van hun mannelijke partner sterker na dan mannen dat van hun vrouwelijke partner deden.
De onderzoekers noemen dat heel terecht een orgasm pursuit gap.
Niet alleen een orgasmekloof dus. Een groot en zichtbaar verschil in wie wiens plezier überhaupt nastreeft.
Dat verandert de vraag wederom behoorlijk.
Niet: Waarom kunnen vrouwen zo moeilijk klaarkomen?
Maar: Waarom is haar orgasme zo ontzettend vaak het optionele gedeelte van het programma?
En nee, orgasme is niet de enige maat voor goede seks. Soms wil je niet klaarkomen. Soms is iets geweldig zonder climax. Soms ben je er ineens helemaal klaar mee. Soms krijg je flinke kramp in je kuit wat de hele mood verpest. Maakt niet uit. We hoeven de ene performance-eis niet te vervangen door een vrouwelijke KPI.
Het gaat hier om het script. Wie is vanzelfsprekend belangrijk? Degene over wie het expliciet niet hebben in dit verhaal. De norm. Het mannelijke orgasme.
Welke handeling geldt als ‘het echte werk’? Penetratieseks anyone? Wanneer is seks klaar?
Waarom noemen we zoveel dingen die voor veel vrouwen juist essentieel zijn nog altijd voorspel, alsof de echte voorstelling pas begint zodra de penis ten tonele verschijnt? Kijk er niet direct naar hoor, kans op schrik.
Hoeveel huiswerk gaan we haar nog geven?
Hier wordt het voor mij echt een beetje komisch. Lachen om maar niet te huilen zeg maar.
Want zodra we vaststellen dat vrouwen zichzelf tijdens seks kunnen beoordelen, hun uiterlijk kunnen monitoren, zich verantwoordelijk kunnen voelen voor de sfeer én ondertussen ook nog overtuigend genot kunnen performen, weten we meestal onmiddellijk wie dat moet oplossen.
Zij. De vrouw.
Zij moet beter communiceren. Zij moet leren loslaten. Zij moet uit haar hoofd. Zij moet haar grenzen voelen. Zij moet haar lichaam ontdekken. Zij moet leren vragen. Zij moet meer masturberen. Zij moet een podcast luisteren. Zij moet wellicht een oefenboek kopen. Zij. Zij. Zij. Bla. Bla. Bla.
Nog even en ze krijgt een Trello-bord.
Onderzoek naar 160 heteroseksuele koppels vond dat zelfobjectificatie samenhing met meer sexual emotional labour (ook weer zo’n lekker term): seksuele emotionele arbeid zoals verlangen performen, een orgasme faken of ongemak verdragen. Vrouwen die zich sterker door hun mannelijke partner geobjectiveerd vóélden rapporteerden bovendien gemiddeld minder orgasmes en meer van die seksuele emotionele arbeid.
En daar wil ik langer bij stilstaan dan bij het gebruikelijke vrouwen moeten beter zeggen wat ze lekker vinden. Doodvermoeiend.
Want als een vrouw zo goed heeft geleerd genot uit te voeren dat haar bedpartner denkt dat alles uitstekend gaat, dan is dat optreden natuurlijk niet in een vacuüm ontstaan.
Er ligt iemand naast haar die het blijkbaar overtuigend genoeg vindt.
Hoeveel huiswerk gaan we haar precies geven voordat iemand eens naar de man naast haar kijkt?
Mannen, niet doorscrollen
Dit is niet het gedeelte dat je naar je vriendin moet sturen met:
Interessant voor jou!
Nee, nee. Wacht maar even.
Want heteroseksuele mannen hebben hier echt iets te doen. Iets goed, yay!
Niet ‘het vrouwelijke orgasme repareren’. Geen handleiding opeisen. Geen zeg precies waar ik moet drukken en hoeveel seconden waarna jij jezelf een uitstekende minnaar verklaart omdat de ‘machine’ correct functioneerde.
Ook dat maakt haar lichaam weer tot apparaat en de man tot technicus.
Kijk. Luister. Vraag. Let op!
En vooral: zorg dat haar antwoord geen consequenties heeft waar ze vervolgens óók weer voor moet zorgen.
Kan ze zeggen dat iets niet lekker is zonder dat jij meteen gekwetst, defensief of stil wordt? Kan ze halverwege stoppen? Van gedachten veranderen?
Kan ze zeggen langzamer, harder, niet daar, nog even, ik weet het eigenlijk niet, zonder dat zij daarna jouw ego moet troosten?
Kan ze lachen als iets totaal niet werkt?
Kan ze veel tijd nemen zonder zichzelf te voelen haasten?
Kan ze genieten zonder dat je van haar orgasme vervolgens jouw rapportcijfer maakt?
Dat is veiligheid.
Niet alleen het ontbreken van gevaar, maar de aanwezigheid van genoeg vertrouwen en nieuwsgierigheid om iets te kunnen proberen zonder dat je vooraf al weet hoe het moet eindigen.
En daar begint experimenteren pas echt leuk te worden. Voor iedereen!
De studie naar orgasm pursuit uit 2025 is hier gewoon lekker direct over: de onderzoekers concluderen dat seksuele gelijkheid niet bereikt wordt door te blijven focussen op individuele barrières van vrouwen, maar juist vraagt om meer symmetrische, relationele inspanning. In hun data streefden mannen hun eigen orgasme sterker na, vrouwen dat van hun mannelijke partner sterker, en voelden mannen zich bovendien meer door hun partner gesteund in hun orgasme dan vrouwen. Als we gewoon eerlijk zijn is dit gewoon heel herkenbaar. En daar komt nog iets bij wat ik in mijn eigen heterowereld absurd herkenbaar vind. Een man hoeft soms maar één keer écht te vragen wat jij lekker vindt of zichtbaar zijn best te doen voor jouw plezier en we zijn al bijna: kijk nou, wat goed! Alsof dit extra service is. Wij heterovrouwen nemen echt niet van nature met weinig genoegen, maar we hebben verdomd goed geleerd niet te zeiken, blij te zijn met aandacht en vooral niet te veel te vragen. Dáár ligt de lat dus blijkbaar. Mannen kunnen daar echt wel meer mee. Verdiep je eens in hoe wij gezien worden, en hoe jij zelf kijkt. Letterlijk én figuurlijk.
De onderzoekers zeggen zelfs expliciet dat zonder de inspanning van mannelijke partners pogingen om vrouwen hun eigen orgasme meer te laten nastreven weinig kunnen opleveren.
Dus misschien moet de vraag niet alleen zijn: Heb jij haar ooit gevraagd wat ze lekker vindt?
Maar juist ook: Ben jij werkelijk nieuwsgierig naar het antwoord wanneer dat antwoord niet over jou gaat? Durf jij het écht aan te horen als een fantasie niets met jou te maken heeft?
Dat vind ik interessanter.
Want er is een verschil tussen graag willen horen dat je het ‘goed doet’ en werkelijk, maar dan ook écht, willen weten wat de ander ervaart.
En er is ook een verschil tussen een vrouw helpen haar eigen plezier te onderzoeken en eisen dat zij eerst een complete gebruiksaanwijzing voor zichzelf schrijft voordat jij hoeft op te letten.
Zij klinkt alsof ze geniet. Maar geniet ze?
Dat is misschien de ongemakkelijkste vraag in het hele stuk.
Omdat performance relationeel is.
Als vrouwen leren welke geluiden, gezichten en bewegingen als vrouwelijk genot worden gelezen, kunnen mannen diezelfde signalen natuurlijk óók leren lezen als bewijs.
Mooi gesloten systeem.
Zij levert de performance. Hij herkent de performance. Iedereen gaat ervan uit dat er genot plaatsvindt. Efficiënt.
Behalve als je daadwerkelijk geïnteresseerd bent in het verschil tussen: ze ziet er echt uit alsof ze geniet en ze geniet daadwerkelijk.
Dat kun je zeker niet altijd aan iemand aflezen. Dus ja, soms moet je vragen. Gewoon als mens. Fijn toch? Dat communiceren beide kanten op. Denk dat daar ook al heel veel begint. Alleen dat al kan heel spannend zijn. Het is kwetsbaar, het is echt en het is niet altijd wat je op het eerste gezicht denkt.
Vind je dit lekker? Wil je meer? Wil je iets anders? Zal ik doorgaan? Wat zou je willen proberen?
En vervolgens het revolutionaire tweede deel:
luisteren naar het antwoord!
Nu wordt het eindelijk leuk
Want ik wil absoluut niet dat dit stuk eindigt als een nieuwe cursus die vrouwen helpt zichzelf nog beter te analyseren.
Het leuke aan zo’n begrip als spectatoring is juist dat je het kunt herkennen en dan af en toe kunt denken:
O ja. Daar zit ze weer.
Die toeschouwer. En in plaats van haar meteen therapeutisch uit je hoofd te moeten verbannen, kun je de camera heel even draaien.
Wat zie ík? Ben ik echt opgewonden? Vind ík dit sexy? O, dit, nog een keer.
En daar begint voor mij eigenlijk de aantrekkelijkste kant van dit hele onderwerp.
Experimenteren. Met klem níet als zelfzorgtaak. Alsjeblieft, die hebben we al genoeg. Maar wel echt als speeltuin. Hoe leuk. Get excited!
Iets proberen dat in je hoofd verschrikkelijk sexy was en in werkelijkheid vooral onmogelijk blijkt omdat niemand drie knieën heeft. Ontdekken dat iets wat cultureel als bloedheet wordt verkocht je werkelijk totaal koud laat (been there, done that). Of dat iets waarvan je nooit had gedacht dat het ‘jouw ding’was ineens precies dát blijkt te zijn.
Een fantasie waar geen enkel keurmerk op zit. Een voorkeur die nergens logisch uit voortkomt. Gekke kinks.
Het punt is niet dat er een correcte manier van vrouwelijke lust bestaat.
God verhoede.
Het punt is juist dat er ruimte moet zijn om geen flauw idee te hebben en het uit te zoeken. En LUST is real. Zeker óók bij vrouwen. We komen alleen niet allemaal bagageloos die slaapkamer binnen. Hoe heerlijk als je ontdekt wat jouw lust doet en daar vrij in kunt bewegen, al is het soms maar even. Je verandert als mens voortdurend; waarom zou dit stukje stilstaan?
Er ligt geen pure seksuele jij onder een steen
Daar wil ik nog één ding bij zeggen, omdat het woord authentiek zo gemakkelijk een nieuwe val wordt.
Alsof ergens diep onder alle porno, oude geliefden, slechte seks, goede seks, schaamte, fantasieën, films en alles wat je ooit hebt geleerd een volledig cultuurvrije seksuele kern-Raquel ligt te wachten.
Nee natuurlijk, ik ben geen laboratoriumdier dat buiten cultuur bestaat.
Ook verlangen wordt gevormd. Beeldvorming is een groot ding. Verlangen wordt gevormd door ontzettend veel factoren.
Je hoeft het dus ook niet nog moeilijker te maken dan het is. Ik heb weleens stilgestaan bij de vraag: is dit verlangen wel 100% van mij? Kun je stapelgek van worden, true story.
Interessanter is echter: wat gebeurt er met mij wanneer ik even niet bezig ben met hoe mijn verlangen eruitziet voor iemand anders?
Misschien ontdek je dan dat je juist heel graag bekeken wordt.
Prima.
Maar dan omdat jij daar geil van wordt.
Dat is nogal iets anders dan bekeken willen worden omdat je geleerd hebt dat begeerlijk zijn je seksuele waarde bewijst.
En precies daar zit voor mij het verschil tussen LUST en performance.
Lust is geen solo-opdracht
Misschien is dat uiteindelijk wat ik zie in die vrouwen om me heen die rond hun veertigste ineens opnieuw nieuwsgierig worden. Ik zie het in gesprekken en levens om me heen: affaires, scheidingen, opnieuw daten, veel uitgaan, experimenteren — en vooral steeds vaker die vraag: maar wat wil ík eigenlijk?
Het is geen magische stijging van ‘het libido’. Ook geen triomf van een zogenaamd ‘progressieve seksueel bevrijde samenleving’ (hebben we niet, fight me).
Misschien gebeurt er voor velen iets veel interessanters. Minder auditie. Minder zin om gekozen te worden door iemand die je zelf nauwelijks zou kiezen. Minder blij zijn met de kruimels van iemands dag.
Gewoon veel meer willen. En leren wat dat is en hoe je het krijgt.
Minder genoegen met middelmatige seks en minder automatisch verwarren van begeerd worden met zelf begeren.
En meer ruimte voor dat heerlijke, volwassen en soms totaal puberale: maar wat als ik dít eens probeer? ENM?
Dat mag een tweede puberteit zijn van mij.
Maar dan graag eentje waarin we niet opnieuw alle verantwoordelijkheid bij vrouwen neerleggen. Want als wij eindelijk ruimte gaan maken om minder te performen en meer te voelen, kunnen mannelijke bedpartners niet achterover gaan liggen wachten tot er een correct ingevulde handleiding wordt aangeleverd.
Jullie hebben werk.
Niet meer vragen wat vrouwen beter moeten aangeven voordat jullie beginnen te kijken. En weaponized incompetence vind ik hier eerlijk gezegd ook behoorlijk raak: ‘ik weet gewoon niet echt wat jij heul lekker vindt’ is wel héél comfortabel als dat betekent dat zij vervolgens het hele seksuele projectmanagement mag overnemen. En een man incompetent noemen? The horror!
En ook niet je eigen orgasme behandelen als het natuurlijke eindpunt van seks.
Niet haar onzekerheid, zelfbewustzijn of ‘in haar hoofd zitten’ als individueel defect diagnosticeren terwijl je zelf onderdeel bent van de seksuele ruimte waarin dat gebeurt.
Maak het veilig om van gedachten te veranderen. Maak het normaal dat haar plezier is waar het om draait. Daar geniet iedereen uiteindelijk van.
Wees nieuwsgierig wanneer je niets hoeft te fixen. Vraaaaag en luister.
Geloof haar wanneer ze zegt dat iets fijn is en óók wanneer ze zegt dat het dat niet is.
Goede heteroseks kan nu eenmaal niet betekenen dat haar plezier een keuzevak is en het zijne het verplichte eindexamen.
Die toeschouwer mag best een keer naar huis. Maar vrouwen hoeven haar niet in hun eentje de deur uit te zetten. De man naast haar heeft werk: niet achteroverleunen tot zij zichzelf perfect heeft uitgelegd, maar bijdragen aan de veiligheid, tijd, aandacht en nieuwsgierigheid waarin er überhaupt iets te ontdekken valt. Niet tevreden zijn met een overtuigende voorstelling. Niet haar plezier als bonus behandelen.
Dan blijft er iets veel leukers over dan kijken hoe seks eruitziet: voelen wat er werkelijk gebeurt. Heerlijk, voor iedereen in dit spel.
Dát lijkt me nou LUST.
PARELS kijkt naar de woorden, beelden en systemen die zo normaal zijn geworden dat we bijna vergeten dat iemand ze ooit heeft bedacht. Blijkbaar liggen er zelfs een paar mee in bed.
Bronnen
Masters & Johnson — spectatoring als concept; latere studies operationaliseren die zelfgerichte derde-persoonsaandacht tijdens seks.
Fredrickson & Roberts — Objectification Theory en internalisering van het waarnemersperspectief.
Steer & Tiggemann — zelfobjectificatie, body surveillance en seksueel functioneren.
Thomas et al. — zowel positieve als negatieve seksuele veranderingen in midlife; positieve veranderingen werden onder meer gekoppeld aan meer zelfkennis en zelfvertrouwen.
Frederick et al. — orgasmefrequenties naar sekse en seksuele oriëntatie.
Read et al. — partnerobjectificatie, orgasmes en sexual emotional labour bij 160 heteroseksuele koppels.
Wolfer & Carmichael — orgasm pursuit gap en wederkerigheid tussen heteroseksuele partners.
Fritz et al. en Shor & Seida — agressie in mainstream online pornografie en de discussie over tijdtrends.
Children’s Commissioner for England — actuele blootstelling van jongeren aan gewelddadige pornografische scripts, waaronder strangulation.








