Gold diggers bestaan wel. Alleen zijn het niet de vrouwen.
Patriarchy #2 - We hebben een scheldwoord voor vrouwen die waarde willen, maar nauwelijks taal voor mannen die gratis tijd, zorg, liefde, seks en levensruimte vanzelfsprekend zijn gaan vinden.
Deeltijdprinsesjes bestaan niet.
Gold diggers wel.
Alleen wordt er meestal de verkeerde kant op gekeken.
Er zijn weinig woorden die zo efficiënt een hele machtsverhouding in één sneer verpakken als gold digger. Eén woord, en een vrouw is verdacht. Ze hoeft nog niets te hebben gedaan. Ze hoeft alleen maar iets te willen dat met waarde te maken heeft.
Want er is weinig zo efficiënt als een laatdunkend woord voor vrouwen die iets willen. Één term en de hele machtsverhouding hoeft niet meer besproken te worden.
Een vrouw die zekerheid wil? Verdacht.
Een vrouw die waarde hecht aan comfort, tijd, geld of levenskwaliteit voor zichzelf? Zeker verdacht.
Een vrouw die niet eindeloos gratis wil zorgen, plannen, liefhebben, luisteren, seksueel beschikbaar zijn, emotioneel afstemmen en reguleren en daarna ook nog lief en dankbaar glimlachen? Moeilijk mens waarschijnlijk.
Ondertussen beschikken we met z’n allen over bijzonder weinig taal voor mannen die jarenlang profiteren van gratis zorg, liefde, seks, emotionele arbeid, gratis reputatieonderhoud en levensruimte.
Die noemen we dan graag druk of ambitieus. Succesvol kan ook. Dan kan er ook vaak nog een laag overheen in de trant van ‘hij kan dat gewoon niet zo goed’, en ‘maar hij bedoelt het goed’. En fin, de standaard dooddoeners.
De echte vraag is dus niet waarom sommige vrouwen zogenaamd naar goud graven. De echte vraag is wie hier al sinds tijden op die goudmijn zit die door iemand anders wordt onderhouden.
Een woord met tanden
Gold digger is helaas geen neutraal woord. Het is een waarschuwing, een correctie, een klein sociaal alarmsysteem dat afgaat zodra een vrouw iets wil zonder zich daar eerst uitgebreid voor te verontschuldigen of te verantwoorden.
Een vrouw die niet alles gratis wil doen? Kil.
Een vrouw die een man wil die volwassen met geld omgaat? Oppervlakkig.
Een vrouw die zich afvraagt waarom zij eigenlijk de enige is die de agenda, de emoties, de verjaardagen, de sfeer, zorg, (schoon)familie en de mentale weersvoorspelling in huis managet? Lastig, lastig. Ook als je het ineens níet meer gaat doen.
Een vrouw die zegt: mijn tijd heeft ook waarde? Daar gaan we. Dat wordt veel te vaak voor lief genomen. Door alles en iedereen. En daarmee bedoel ik dus, niet alleen thuis. Dit geldt ook op werk, voor de eventuele kinderen, je sociale kringen vaak, familie etc..
Het woord gold digger doet alsof vrouwen de economie van relaties corrumperen, alsof liefde daarvoor keurig schoon en belangeloos was. Alsof relaties ergens buiten geld, tijd, macht, seks, zorg, schoonheid en status bestaan.
Dat is natuurlijk niet hoe het leven werkt.
Liefde woont in huizen waar huur betaald moet worden. In lichamen die moe zijn. In agenda’s die vollopen. In kinderen die gehaald moeten worden en gevoerd. In wasmanden die niet uit zichzelf uit existentiële schaamte verdwijnen. In het alledaagse. In banen die flexibiliteit vragen alsof er thuis geen enkel ander leven gaande is. En een leven waarin geleefd moet worden alsof er geen betaalde baan bestaat in je leven.
Liefde leeft ook in tijd.
En tijd is nooit neutraal verdeeld.
Gratis arbeid heet meestal liefde
In Deeltijdprinsesjes bestaan niet schreef ik over een ander woord dat zogenaamd grappig is, maar vooral verraadt hoe graag we systeemvragen terugduwen naar individuele vrouwen. Alsof minder betaald werk automatisch minder werk betekent. Alsof onbetaalde arbeid, invisible load en zorgwerk pas bestaan wanneer er een salarisstrook tegenover staat.
Hier gebeurt hetzelfde.
Ik schreef daar eerder uitgebreider over in het stuk: De Jetten-Juk: Waarom de technocratie van 2026 de vrouw vakkundig uitgumt gaan we dieper in op hoe het er nu wat dit betreft in Nederland voor staat.
Zorgen is werk. Plannen is werk. Een huishouden draaiende houden is werk. Je aanpassen is werk. De sfeer bewaken is werk. Weten wie waar moet zijn, wat bijna op is, wie nieuwe schoenen nodig heeft, wie jarig is, wie verdrietig is, wie niet lekker in zijn vel zit en waarom de koelkast ineens voelt als een morele verantwoordelijkheid: werk.
Maar zodra vrouwen dat werk gratis doen, noemen we het liefde. Heel handig.
Liefde moet vooral niet te veel rekenen. Dat wordt al snel ongezellig. En daar houden we niet van, toch?
Dat is ongeveer de huisstijl van het patriarchaat: vrouwen mogen best moe zijn, zolang ze het maar warm formuleren en het ook maar snel en zelf oplossen binnen de gepaste kaders.
Wie graaft hier eigenlijk?
De klassieke gold digger is een vrouw die iets komt halen. Kunnen we heel lang over uitwijden maar zoals je zelf misschien al begrijpt, dit zit heel diep geworteld. Eva is de wortel van al het kwaad toch? Hebberig. Pakken. Geld. Status. Gulzigheid. Dus daar moeten we dan logischerwijs voor boeten. Sarcasme hier is wel duidelijk mag ik hopen?
Maar kijk even eerlijk naar wat er in veel relaties, gezinnen en huishoudens gebeurt. Wie krijgt als vanzelfsprekend het volgende:
Tijd
Ruimte
Carrière maken alsof het leven lineair is
Ruimte voor woede
Fouten maken mag
Tijd om te sporten
Tijd voor jezelf zónder goeie reden
Applaus voor de meest basale dingen, zoals ‘helpen’
Helpen. Daar heb je hem weer.
Helpen is zo’n woord waarbij je even rustig naar een muur moet kijken. Want helpen impliceert dat het werk eigenlijk van iemand anders is. Het is een gegeven bij de één en een goede daad bij de ander. En dit is zo hardnekkig. En als je dit eenmaal ziet, dan blijf je het zien. Steeds meer en overal. Dus wanneer mensen hiervoor hun kop in het zand steken snap ik dat uiteraard heel goed en ergens zou ik willen dat ik dat ook kon. Wel zo makkelijk. Maar zo zit ik helemaal niet in elkaar en wil ik tot op de bodem uitzoeken waarom dit zo is? Waarom doen we zo lelijk tegen anderen hierover? Een beetje respect is wel het minste toch? Juist voor degene die voor van alles uitgemaakt kan worden wanneer er iets buiten de lijntjes wordt gekleurd, en er voor de ander dus amper iets in onze woordenschat te vinden is wat hier de juiste en evenredige waarde aan kan geven.
Nederland noemt zichzelf graag progressief. We hebben moderne vaders, gedeelde agenda’s, co-ouderschapstaal, bewuste stellen, mannen met draagzakken en LinkedIn-posts over quality time met de kids.
Prachtig.
Maar in de Emancipatiemonitor 2024 geeft 53 procent van de vrouwen met partner aan dat hun partner meer werkt en zij meer huishoudelijke taken doen; bij mannen zegt 38 procent dat over hun eigen relatie. Het CPB schrijft op basis van SCP-cijfers dat vrouwen gemiddeld 26,5 uur onbetaalde arbeid per week doen, tegenover 17,4 uur bij mannen. De OECD wijst erop dat Nederlandse vrouwen gemiddeld 225 minuten per dag aan onbetaald werk besteden, tegenover 145 minuten bij mannen. Dat zijn enorme verschillen en dit zijn echt nog niet de meest heftige cijfers die er te vinden zijn.
Maar vertel vooral nog eens dat vrouwen massaal naar goud graven. Ik denk namelijk dat dat helemaal niet zo is. Uitgegraven zou passender zijn.
Liefde stuurt geen factuur. Liefde bouwt geen pensioen op.
De echte buit is tijd
Geld is niet het enige goud.
Tijd is goud. Rust is goud. Pensioenopbouw is goud. Carrièreruimte is goud. Een hoofd zonder permanente achtergrondprocessen is goud. De mogelijkheid om ambitie te hebben zonder eerst het leven van vijf anderen operationeel te houden, is goud.
Een ochtend waarin niemand je iets vraagt, is goud.
Een lichaam dat niet voortdurend beschikbaar hoeft te zijn, is goud.
Een kamer, letterlijk of figuurlijk, waarin je kunt denken, maken, werken, schrijven, verlangen, twijfelen, experimenteren of gewoon even níét nuttig zijn, is goud.
En precies daar wordt massaal gegraven.
Het systeem is zo ingericht dat mannen ruimte krijgen en vrouwen ruimte maken.
Ruimte klinkt ook wel nobel, lief ook, tot je doorhebt dat iemand anders die ruimte vervolgens bewoont.
Lief zijn is vaak arbeid met een strik erom
Want een vrouw moet vooral lief zijn. En als we horen dat we niet lief zijn is dat vaak even schrikken. Ik beschouw het tegenwoordig écht als een compliment. Altijd al wel gedaan trouwens, maar ik besef me dan ook hoe geprivilegieerd ik ben dat ik me dat ook altijd heb kunnen veroorloven. Want dat is echt niet vanzelfsprekend.
En het klinkt ook onschuldig. Wie wil er nou niet lief zijn?
Maar in de praktijk betekent lief vrijwel altijd: inslikken.
Lief betekent rekening houden, lekker gezellig zijn en vooral niet te moeilijk doen! Lekker veel begrip tonen en snappen dat hij het anders bedoelde. Niet te veel verwachten ook. Niet te vaak beginnen over geld, seks, je eigen interne wereld, aandacht willen, huishouden of het feit dat jij al drie dagen voelt dat er iets scheef zit terwijl hij “niks doorhad”.
Lief betekent vaak dat jij jezelf zo verplaatst in de ander dat je uiteindelijk nauwelijks nog weet waar je zelf staat.
En dan moet je ook nog spontaan, sexy, ontspannen en niet te controlerend blijven.
Succes hè. Met al dat moeten.
Binnen het patriarchaat is liefde zelden alleen liefde. Het is vaak ook een trainingsprogramma in beschikbaarheid.
Een vrouw leert al vroeg dat verlangen aantrekkelijker is wanneer het niet te veel eist. Dat seks leuker gevonden wordt wanneer zij niet te ingewikkeld doet. (Orgasmekloof gaan we het ook nog wel een keer over hebben) Dat zorg pas mooi is wanneer ze vanzelf lijkt te gaan en echt uit het hart komt en er ook daadwerkelijk onder lijdt en andere zaken voor opgeeft. Dat is mooi.
En dat is precies waar liefde, seks en geld elkaar raken.
Want een vrouw die haar waarde niet benoemt, of misschien zelf niet eens voelt, is makkelijker te gebruiken.
Een vrouw die haar behoeften blijft verpakken als zachtheid, is makkelijker te negeren. Een vrouw die bang is om kil of hebberig of dominant of (en dit is een hele grote nu) ondankbaar te lijken, blijft langer geven dan goed voor haar is.
En een vrouw die blijft geven zonder te tellen, is natuurlijk bijzonder handig. Gratis arbeid, op álle vlakken.
Seks hoort hier gewoon bij
Laten we ook niet doen alsof seks buiten dit verhaal staat.
Dat zou ‘netjes’ zijn, en dus onwaar.
Er is een reden dat woorden als gold digger, hoer, slet, makkelijk, duur, goedkoop en high maintenance zo dicht bij elkaar in dezelfde culturele la liggen.
Vrouwen worden voortdurend beoordeeld op hoe ze waarde, verlangen en beschikbaarheid organiseren.
Geld vragen voor seksuele of emotionele arbeid? Schandalig.
Niets vragen en alles geven? Romantisch.
Mannen die je afwijst en maar blijven terugkomen als een soort creepy stalkers? Dat moet je dan als compliment zien. En misschien vind ik dát persoonlijk nog wel het allerengste: het totale niet serieus nemen van een ander mens. Nul respect. En dit begint al zo jong, met de welbekende spreuk: meisjes plagen, kusjes vragen. Of: het zal dan wel echte liefde zijn. De wereld op z’n kop.
Daarom is het verband met sekswerk interessant. Sekswerk is niet hetzelfde als relaties hebben, niet in goede of slechte zin, dat is mijn punt niet. Maar sekswerk maakt wel goed zichtbaar wat in zogenaamd gewone verhoudingen vaak wordt verstopt: dat tijd, lichaam, aandacht, grenswerk, affectie, verlangen en beschikbaarheid niet uit het niets verschijnen.
Wat veel mensen ongemakkelijk vinden, is niet dat vrouwen seks of zorg geven.
Wat ze ongemakkelijk vinden, is wanneer vrouwen daar zelf voorwaarden aan verbinden. Daar zelf ook iets uit willen halen. Genot, voldoening, geld, een kind, whatever. Ieder z’n ding en verder aan niemand om daar over te oordelen? Hoeveel stellen blijven er bij elkaar denk je, omdat dit een fijne wisselwerking is voor beiden? Ik denk dat ik er best veel ken. En of ze gelukkig zijn? Geen idee, dat is hun zaak. Maar we kunnen niet doen alsof de transactie maar 1 kant op goed is en de andere kant op slecht. Gewoon niet. Als volwassene mag je dat lekker zelf bepalen.
Zolang een vrouw geeft vanuit liefde, loyaliteit, zorgzaamheid of “zo is zij gewoon”, blijft het systeem rustig.
Zodra ze vraagt wat zij terugkrijgt, komt de ‘moraliteit’ ineens uit alle kieren.
En soms verdient een analyse geen nuance, maar gewoon een beginletter.
uck you.
Tegen een woord dat vrouwen kleiner maakt zodra ze waarde herkennen. Tegen een cultuur die vrouwelijke beschikbaarheid romantisch noemt zolang niemand vraagt wie ervan profiteert.
F*** you tegen de eeuwenoude truc waarbij vrouwen eerst richting afhankelijkheid, zachtheid, zorgzaamheid, seksueel geven en emotioneel meebewegen worden geduwd, om daarna belachelijk en klein gemaakt te worden zodra ze iets terug willen.
Want dat is misschien wel de smerigste laag van het hele gold digger-verhaal: het woord doet alsof vrouwen komen halen, terwijl zoveel vrouwen jarenlang geven in een systeem dat uitstekend weet hoe het moet ontvangen, maar retevaak vergeet waar de rekening ligt.
Het kerngezin als gratis goudmijn
De laatste tijd kom ik veel artikelen en ander leesvoer tegen over het kerngezin. En het idee dat gezin, liefde en zorg privé lijken, maar politiek en economisch georganiseerd zijn. Wat natuurlijk zo is. Daarbinnen heb je dan ‘goede’ (lekker traditioneel) en ‘slechte’ gezinnen.
Dat is relevant, want de gold digger-mythe leeft niet los van die structuur.
Het kleine huishouden lijkt romantisch, maar is ook een bijzonder efficiënte plek om kosten te laten verdwijnen. Zorgkosten, herstelkosten, opvoedkosten, oppaskosten, emotionele arbeid, seksuele beschikbaarheid en huishoudelijk werk. Ik heb nog nooit een blouse voor een man gestreken. Wanneer dit weleens ter sprake komt met vriendinnen, hoe progressief ook, staan ze vaak toch even te kijken. Het is zo vanzelfsprekend blijkbaar om dat soort dingen niet alleen te kunnen (waar heb je dit uberhaupt geleerd denk ik dan?) maar ook om daadwerkelijk te doen. Alles kan worden weggeschreven onder liefde, gezin, loyaliteit, karakter en “zo doen wij dat”.
Het kerngezin is uiteraard gevormd door kerk, staat en markt. Voor al deze instituten enorm voordelig en makkelijk in stand te houden. Want welke keuzes heb je nu écht als vrouw? De 40-urige werkweek was afgestemd op iemand zonder primaire zorgtaken thuis. In het gros van de gevallen, de man dus.
Precies daar zit de grap.
De wereld noemt een vrouw die zekerheid wil een gold digger, terwijl hetzelfde systeem jarenlang heeft geleund op vrouwen die gratis de voorwaarden produceren waaronder mannen überhaupt succesvol (in alle definities van dit woord) kunnen zijn.
En dan ook nog een bed waarin seks gezellig moet blijven. Niet te moeilijk graag, wel lekker natuurlijk, want hij moet stoom afblazen van al dat harde werken. Ik snap niet hoe je niet je partner voorop zet in deze (want daar heb je dan zelf ook de meeste baat bij toch?). Je wil de ander liefhebben op deze manier toch? Geven én ontvangen. Allebei. Als een eerlijke transactie. In dit super heteronormatieve voorbeeld geldt dit helaas voor velen niet.
Je moet een vrouw zijn die zichzelf even totaal verliest in een moment, maar schiet ook een beetje op graag.
Wat een deal.
Vooral voor degene die hem niet hoeft te zien.
En dan de scheiding
En dan, als de liefde op is, wordt ineens zichtbaar hoe slecht dit systeem boekhoudt.
Niet omdat ieder gebaar en liefde een transactiebonnetje nodig had. Maar omdat jaren aan zorg en alle rest wat ik eerder noemde, en waarschijnlijk vergeet ik er nog een boel, nergens netjes worden afgerekend.
Er is geen bonnetje voor de avonden waarop zij zijn carrière mogelijk maakte door de rest van het leven op te vangen.
En dan staan twee mensen na een scheiding zogenaamd weer naast elkaar als individuen. Dan wel. Alsof ze met dezelfde startpositie uit dezelfde relatie komen, De een niet jarenlang kapitaal heeft opgebouwd in salaris, status, netwerk, rust en lineaire werkervaring, terwijl de ander de onzichtbare infrastructuur onder dat leven heeft gedragen.
CBS schrijft dat de gemiddelde koopkracht van vrouwen vlak na een scheiding flink terugvalt, terwijl die van mannen juist verder stijgt; vijf jaar later blijft vooral bij vrouwen zonder nieuwe partner de koopkracht onder het niveau van vóór de scheiding. De nadruk van het onderzoek ligt niet voor niets op vrouwen, omdat zij financieel het meest geraakt worden.
Maar noem vooral háár de gold digger.
Nederland blijft graag redelijk
Het Nederlandse debat over vrouwen en werk heeft een bijzondere gave: het klinkt vaak nuchter terwijl het ondertussen diep ideologisch is.
Wij moeten namelijk:
meer werken
financieel zelfstandiger worden
ambitieuzer zijn
beter onderhandelen
hulp vragen
loslaten
grenzen stellen
kiezen
Vrouwen moeten vooral niet zeuren, want emancipatie is toch al geregeld?
Dus ja, we kunnen blijven doen alsof vrouwen gewoon individuele keuzes maken. Maar keuzes ontstaan niet in het luchtledige. We leven nu eenmaal samen op deze wereld en hebben met allerlei zaken te maken. Intersectionaliteit. En dat raakt aan alles. Keuzes die vrouwen uiteindelijk maken komen vaak ook voort uit de eindeloze, maatschappelijke training waarin vrouwen leren dat goed zijn vaak betekent dat je jezelf als eerste oprekt. Letterlijk en figuurlijk.
En als dat niet lukt? Dan moet zij beter leren communiceren. Lekker weer een extra taakje en verantwoordelijkheid!
Het systeem beschadigt iedereen. Alleen niet iedereen betaalt dezelfde rekening.
En nee, dit is niet het gezellige “mannen slecht, vrouwen goed”-riedeltje waar sommige mensen zich meteen achter willen verschuilen zodra een stuk iets te dicht bij hun comfort komt.
Patriarchale systemen zijn ook voor mannen beklemmend. Ze leren mannen dat waarde vooral zit in inkomen, status, controle, seksuele vanzelfsprekendheid, succes en niet te veel nodig hebben. Ze duwen mannen richting werk, presteren, afstand houden, niet zeuren, niet falen, niet afhankelijk zijn, niet zacht worden tenzij het veilig verpakt is als vaderschap op zaterdagmiddag.
Ook dat is verlies.
Maar het verlies is niet gelijk verdeeld.
Want terwijl mannen vaak moeten voldoen aan een rol die hen vernauwt, dragen vrouwen daarbovenop nog steeds vaak het gratis werk dat die rol mogelijk maakt.
Het systeem beschadigt iedereen.
Alleen niet iedereen betaalt dezelfde rekening.
Wie profiteert ervan dat vrouwen zich schamen voor geld?
Misschien is dat de reden dat gold digger zo hardnekkig is. Het maakt veel vrouwen voorzichtig. Of je het nou leuk vindt of niet, het ermee eens bent of niet, hoe andere mensen jou zien/ervaren heeft wel invloed op je leven. Op hoe je je tot bepaalde zaken verhoudt en uiteindelijk ook tot jezelf. Dit soort woorden gebruiken is daarom zo ontzettend giftig.
Zolang een vrouw bang is om materialistisch te lijken, kan iemand anders doen alsof zijn comfort vanzelf ontstaat.
Zolang zij liefde blijft bewijzen door zichzelf beschikbaar te houden, hoeft niemand te vragen wie daar eigenlijk het meeste aan verdient. Juist niet alleen financieel, maar uiteindelijk ook zéker financieel.
De grootste gold dig is dan ook: niet iemands geld pakken, maar iemands ruimte. En tijd. En tijd is ook geld. En geld heb je nu eenmaal nodig om te leven.
Dus wie graaft hier nou eigenlijk?
Dus nee, ik geloof niet zo in het sprookje van de vrouwelijke gold digger. Niet zoals het ons meestal wordt verkocht.
Ik geloof wel in vrouwen die eindelijk beginnen te zien hoeveel goud er uit hun leven is gehaald zonder dat iemand het zo noemde.
Alles wat vanzelfsprekend werd zolang zij het gaf.
Alles wat pas zichtbaar werd zodra zij ermee stopte.
En als vrouwen dan op een dag vragen waar dat allemaal gebleven is, noemen we hén hebberig.
Niet. Te. Doen.
We moeten gewoon niet bang zijn voor vrouwen die naar goud graven. Ze hebben groot gelijk. Wijs, zou ik zelf zeggen.
Gold diggers bestaan wel. Alleen zijn het niet de vrouwen.
Lees verder op PARELS
– Deeltijdprinsesjes bestaan niet
– Abortus en autonomie (2): waarom het nooit alleen jouw keuze lijkt te zijn
– De Jetten-Juk: Waarom de technocratie van 2026 de vrouw vakkundig uitgumt
– Waarom alles ineens ‘healing’ moet zijn







Wat een sterk stuk. Ik wilde een heel stuk restacken, maar hier stopte ie:
"De 40-urige werkweek was afgestemd op iemand zonder primaire zorgtaken thuis. In het gros van de gevallen, de man dus".
Als er iemand profiteert dan zijn het mannen wel.
Ps: kwam nieuw onderzoek over abortus uit, op LinkedIn. Ik ga 'm even opzoeken. Ondersteunt je vorige betoog.