Waarom alles ineens ‘healing’ moet zijn. En waarom dat zo vermoeiend kan worden.
Over healing, zelfoptimalisatie en hoe zelfs niets doen langzaam iets werd waar je een soort talent voor nodig lijkt te hebben. Laat mij maar lekker lanterfanten.
We praten meer dan ooit over mentale gezondheid. En terecht.
We praten over grenzen, rust en helen.Alleen lijkt er ergens onderweg iets te zijn verschoven. Alsof zelfs dat — uitrusten, voelen, bijkomen — niet langer gewoon mag bestaan, maar ineens iets is geworden waar je goed in moet zijn.
Alsof rust nemen niet meer gewoon rust is, maar iets wat je goed of fout kunt doen.
Wanneer is alles iets geworden waar je aan moet werken?
Er is de afgelopen jaren veel veranderd in hoe we naar onszelf kijken. En eerlijk, een groot deel daarvan is alleen maar goed.
We praten makkelijker over mentale gezondheid, over grenzen, over dingen die vroeger een beetje onder het tapijt verdwenen. Healing is geen zweverig randwoord meer, maar iets waar bijna iedereen wel op een bepaalde manier mee bezig is. We snappen beter waarom we doen wat we doen, waar gedrag vandaan komt, wat er onder emoties zit.
Allemaal winst.
Alleen merk ik de laatste tijd iets anders. Iets wat er een beetje tussendoor is geglipt, zonder dat iemand het echt heeft aangekondigd.
Dat al die aandacht voor bewustzijn en healing niet alleen ruimte heeft gecreëerd, maar ook een soort… verwachting.
Niet alleen voelen wat er is (wat soms al een kunst op zich is) maar er ook steeds iets mee doen. Niet enkel het begrijpen, maar het dan direct willen verbeteren. Je leven leven, terwijl je ondertussen alles een beetje probeert te optimaliseren.
En dat klinkt nog steeds best redelijk, tot je het terugziet op de meest simpele momenten.
Zoals rust nemen.
Dat merk ik bij mezelf en, ook steeds vaker om me heen.
Rust nemen klinkt heerlijk, tot je het probeert
Ik merk het vooral op dagen waarop ik denk: vandaag ga ik even niks doen.
Geen plannen, geen productiviteit, geen verborgen to-do lijst die ik stiekem toch nog afwerk. Gewoon een dag waarop ik op de bank lig, een beetje rondhang, misschien wat lees, misschien niks. Lekker doen waar ik zin in heb.
Het idee alleen al voelt heerlijk. Ik kan hier echt naar uitkijken, soms staat zo’n dag al gepland namelijk. Heerlijk die voorpret. Die dagen bestaan namelijk wel voor mij maar, ze zijn schaars.
Totdat ik er daadwerkelijk lig.
Want ergens tussen minuut drie en minuut tien gebeurt er iets interessants. Niet groots, meer een soort subtiele verschuiving in mijn hoofd.
Een gedachte die zegt: oké, maar… is dit het dan? Doe ik wel hard genoeg niks? Neem ik wel genoeg rust? Ben ik wel echt goed aan het rusten zodat ik er ook daadwerkelijk iets aan heb?
Alsof ik mezelf ineens van een afstandje bekijk en denk dat ik hier misschien iets beters van had kunnen maken. Iets actievers of bewusters. Iets wat duidelijker bijdraagt aan mijn “herstel” of mijn “balans” of weet ik veel welk woord er deze week trending is.
En voordat ik het doorheb, ben ik dus echt niet meer aan het rusten.
Ik ben aan het nadenken over hoe ik rust. Alsof er een juiste manier bestaat om niets te doen.
Wat op zichzelf al verrassend vermoeiend is. En ergens ook een beetje ironisch.
Van leven naar optimaliseren
Dat is dus het moment waarop ik besef dat er iets is verschoven.
Want rust was ooit gewoon de afwezigheid van iets. Geen doel of geen richting. Geen verwachtingen van jezelf. Rust in je hoofd ook. Je deed lekker niks, en dat was precies de bedoeling. Niks ‘productiefs’ in ieder geval. En wat is dat dan ook precies, productief zijn? Moet rust nu ook productiviteit helpen?
Rust voelt nu steeds vaker als iets wat je goed kunt doen, of dus niet.
Alsof er een stille standaard is ontstaan voor wat “echte” rust is. Niet te passief, niet te vluchtig, wel bewust, liefst ook een beetje voedend. Iets waar je achteraf op terugkijkt en denkt: ja, dit had nut.
En ergens snap ik dat ook wel.
We zijn gewend geraakt aan het idee dat alles ergens toe kan leiden. Dat een moment niet alleen een moment is, maar ook een kans. Om te herstellen, om te reflecteren, om dichter bij jezelf te komen.
Alleen schuift het daarmee ook ongemerkt op.
Want zodra alles ergens toe moet leiden, wordt het moeilijk om nog iets gewoon te laten bestaan.
Zelfoptimalisatie is overal (en ja, ook hier)
Die beweging zie je niet alleen bij rust.
Je ziet het overal. Zoals we eerder schreven in Mijn Digitale Emancipatie, schuiven technologie, zelfbeeld en controle steeds vaker door elkaar heen — en dat verandert ongemerkt hoe we naar onszelf kijken.
In hoe we werken bijvoorbeeld. Waar efficiëntie bijna een persoonlijkheidskenmerk is geworden. In hoe of wat we eten, waar zelfs ontspanning een functie heeft gekregen. Bij sporten ook, waar “gewoon bewegen” al snel plaatsmaakt voor schema’s, doelen en progressie. Je hoofd moet dan er dan ook nog profijt van hebben, want waarom zou je het anders doen?
En ja, het zit nu ook in hoe we eruitzien.
Die hele looksmaxx-trend (die ooit ergens op obscure fora zat en nu langzaam mainstream wordt) is daar eigenlijk gewoon een extreem voorbeeld van. Alsof ieder detail van jezelf geoptimaliseerd kan worden, mits je maar bereid bent er genoeg aandacht aan te besteden. Mijn vraag, why?
Het interessante is dat het niet ophoudt bij uiterlijk.
Hetzelfde idee zit onder hoe we omgaan met ons hoofd. Met onze emoties.
Er is altijd wel een versie van jezelf die nét iets beter kan. Meer in balans. Helderder. Meer bewust en rustiger. Of juist drukker als je van jezelf gewoon rustig bent? Er komt in ieder geval geen einde aan en er is geen moment van niks.
En dat voelt niet eens geforceerd.
Het voelt logisch.
Misschien is dat precies waarom het zo lastig is om er afstand van te nemen.
Omdat het niet voelt als druk.
Het voelt als iets wat je zelf wil. Natuurlijk wil je dit. Wie wil er nou niet béter worden? Een betere versie van jezelf. Helemaal niets mis mee. Begrijpen waarom sommige dingen jou steeds weer gebeuren of waarom je op jouw manier op dingen reageert.
Mijn issue zit ‘m daar ook niet, het zit ‘m in hoe snel dat omslaat.
Van begrijpen naar uitpakken en dan bijsturen. Een gevoel wat niet goed is wil én kun je corrigeren. Als je maar hard genoeg, en steeds maar weer, je best doet.
We gaan van leven naar… managen.
Inzicht is niet hetzelfde als iets echt voelen en beseffen
Wat het extra ingewikkeld maakt, is dat inzicht en iets écht beseffen twee totaal verschillende dingen zijn. En dat we die nogal eens door elkaar halen.
Je kunt prima weten dat je niet altijd “aan” hoeft te staan. Dat rust geen doel hoeft te hebben. Dat niet alles een les is.
Maar probeer het maar eens.
Probeer maar eens een hele middag niks te doen zonder dat er ergens een stemmetje opduikt dat zich ermee bemoeit. Mij lukt dit niet, en ik heb enorm veel bewondering voor mensen die dit wel kunnen. Wat een rijkdom.
Zo’n stemmetje met gewoon zo’n zachte gedachte die zegt: je zou hier eigenlijk iets mee moeten. Voor mij is dit blijkbaar onvermijdelijk.
En ineens is dat neutrale moment niet meer neutraal.
Waarom het nooit ‘klaar’ voelt
Wat daaronder ligt, is groter dan alleen jij of ik.
We leven in een cultuur waarin bijna alles maakbaar voelt. Niet alleen praktisch, maar ook mentaal.
Er is altijd wel een volgende stap, een nieuw inzicht, nieuwe trend qua zelfontwikkeling, een nieuwe manier om dichter bij jezelf te komen. Noem maar op. Lord help me, ik vind dit dus echt doodvermoeiend? Waar is de vrijblijvende joy gebleven?
En nogmaals, alles wat ik net opnoem is echt niet persé verkeerd.
Maar het betekent wel dat er zelden een punt is waarop je gewoon even… klaar bent.
Niet voor altijd. Gewoon voor even. Want groeien is onvermijdelijk maar volgens mij gaat een deel daarvan ook al vanzelf. We maken dingen mee, leren daarvan en groeien. Dat zit toch ook inherent in ons als mens-zijnde? Daar hoeven we toch niet altijd nog zoveel tijd en energie aan te besteden? Er is leven te leven!
Dat is misschien waar het begint te wringen.
Niet dat we willen groeien.
Maar dat er weinig ruimte is om tussendoor gewoon te bestaan zonder dat het NU DIRECT ergens naartoe hoeft te leiden.
Dat het meteen een patroon is. Of om een reactie te hebben zonder dat je deze gelijk hoeft uit te pluizen. Om een dag te hebben die nergens toe leidt, en dat ook helemaal prima te vinden.
Dat klinkt klein, maar het is eigenlijk best een shift.
Rust is niet iets waar je goed in hoeft te zijn
Want ergens hebben we het idee ontwikkeld dat er altijd iets onder zit.
En vaak is dat ook zo.
Alleen hoeft dat niet altijd vandaag ontdekt te worden.
Niet alles hoeft meteen geheeld of begrepen te worden. Dat is toch gewoon onmogelijk? Niet alles hoeft ook direct béter. Dat kan natuurlijk wel maar met die druk die daar soms bij komt kijken schiet het z’n doel voorbij. Dan kun je bijna niet meer zien wat dan inderdaad écht beter zou zijn. Want je maakt dan keuzes onder druk. Ook niet mijn sterkste kant by the way, keuzes maken.
Sommige dingen lossen zich op zonder dat je er bovenop zit. Andere blijven een beetje vaag. Weer andere verdwijnen gewoon omdat je verder gaat.
En dat is misschien minder bevredigend voor het deel van ons dat graag grip heeft.
Maar het is wel hoe het vaak werkt.
Misschien hoeft niet alles áltijd beter
Dus misschien zit het niet in minder bewustzijn maar, misschien zit het in iets minder haast.
In het idee dat je niet elk moment hoeft te gebruiken.
Dat rust niet iets is waar je goed in moet zijn.
Dat je soms gewoon op de bank mag liggen, een beetje voor je uit mag staren en halverwege mag denken: ‘dit voelt eigenlijk nergens naar’, zonder dat je dat meteen wil corrigeren om er vervolgens een wijze levensles uit te halen waar je voor altijd wat aan hebt. Of in ieder geval tot je volgende punt en next best versie van jezelf. Waarschijnlijk is dat direct morgen.
Groeien
Er is niets mis met healing.
Er is ook niets mis met willen groeien. Integendeel zelfs.
Alleen wordt het ingewikkeld wanneer dat de enige manier wordt om naar jezelf te kijken.
Dan wordt zelfs rust iets wat je moet kunnen.
En misschien zit de ruimte juist daar.
In het besef dat je niet overal iets mee hoeft.
Niet alles hoeft te begrijpen.
En dat sommige dingen vanzelf op hun plek vallen. Vanzelf. Zonder dat jij ze helpt.
Soms kies je iets niet omdat het je beter maakt, maar omdat het gewoon bij je blijft.
Zonder dat het iets van je vraagt.
Omdat het klopt, zonder dat je het hoeft uit te leggen.
In dit artikel over betekenis en wat écht blijft schreven we daar eerder al over — hoe sommige dingen niet hoeven te veranderen om waarde te hebben.





Eens. Ik heb het (iets cynischer) benoemd (bedoeld in ieder geval) in mijn post van eerder vandaag.
https://substack.com/@tim078/note/c-244408983?r=fwygk&utm_source=notes-share-action&utm_medium=web